Wie is Jezus?

Jezus Christus is de meest invloedrijke persoon in de geschiedenis van de wereld. Hij is de centrale figuur van het christendom, wereldwijd zijn er ruim 2,5 miljard mensen die Hem volgen. De komst van Jezus naar de wereld heeft een geweldige impact gehad die alleen maar groter wordt. Maar wie is Hij nu precies? Volgens sommigen was Hij meer dan een mens, volgens anderen alleen een profeet door God gezonden. Anderen vinden Hem een wijs persoon, terwijl er ook mensen zijn die denken dat Hij eigenlijk nooit heeft bestaan.

De meeste mensen hebben wel een mening over Jezus. Waarom is dat eigenlijk? Wat weten we eigenlijk over Jezus, wat zeggen de bronnen ons? Is het aannemelijk dat Hij echt heeft bestaan? Wat was zijn onderwijs precies?

De geboorte van Jezus

De geboorte van Jezus is uniek in de wereldgeschiedenis. In de evangeliën van Matteüs en Lukas lezen we dat Hij niet gewoon een kind van twee menselijke ouders was, maar geboren uit de maagd Maria, door de werking van de Heilige Geest (Matteüs 1:18-25; Lukas 1:26-38). Dit wordt wel de maagdelijke geboorte genoemd. Opvallend genoeg erkent ook de Koran de maagdelijke geboorte van Jezus (Soera 19:20-21).

Christenen zien deze geboorte als duidelijke bevestiging van niet alleen Jezus’ menselijke natuur – Hij werd echt geboren uit een vrouw en werd een mens als wij – maar ook Zijn goddelijkheid: Hij werd niet verwekt door een menselijke vader, maar door God zelf. Dit onderstreept dat Hij de Zoon van God is, zoals de engel tegen Maria zei: “de Heilige Geest zal over u komen en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige dat verwekt wordt, Zoon van God genoemd worden” (Lukas 1:35).

Jezus’ leven

Jezus groeide op in Nazareth als zoon van Maria en Jozef en leefde een leven van volmaakte gehoorzaamheid aan Gods wet. In tegenstelling tot elk ander mens heeft Hij nooit gezondigd (Hebreeën 4:15). Zijn leven was niet alleen een voorbeeld van heiligheid, maar ook een voorbereiding op Zijn verzoeningswerk.

Tijdens Zijn openbare bediening – die begon rond Zijn dertigste levensjaar – toonde Hij zowel mededogen voor mensen in nood als heiligheid tegenover de zonde. Hij genas zieken, wekte doden op, dreef demonen uit en verkondigde het Koninkrijk van God. In Zijn daden werd zichtbaar dat Hij niet zomaar een profeet was, maar Gods Zoon, die macht heeft over de schepping, ziekte, dood, het kwaad en zelfs zonden vergaf.

Jezus’ onderwijs

Het onderwijs van Jezus is radicaal en vernieuwend. Hij verkondigde dat het Koninkrijk van God nabij was, en riep mensen op tot bekering en geloof. Hij leerde dat ware gerechtigheid niet slechts uiterlijk is – zoals de Farizeeën dachten – maar het hart aangaat (Matteüs 5-7).

Jezus sprak met gezag over God als Zijn Vader, en leerde Zijn volgelingen bidden: “Onze Vader, Die in de hemelen zijt…” (Matteüs 6:9). Hij onderwees dat Hijzelf de Vervulling van de Wet en de Profeten was (Matteüs 5:17), en dat het grootste gebod de liefde tot God en de naaste is (Matteüs 22:37-40).

Belangrijker nog: Jezus sprak herhaaldelijk over Zijn eigen persoon en werk. Hij verklaarde dat Hij gekomen was om Zijn leven te geven als een losprijs voor velen (Markus 10:45), dat Hij het Brood des Levens was (Johannes 6:35), de Goede Herder die Zijn leven geeft voor de schapen (Johannes 10:11), en dat wie in Hem gelooft eeuwig leven heeft (Johannes 3:16).

Jezus de Messias

Jezus is de in het Oude Testament beloofde Messias. Hij is de door God beloofde Redder en Koning, die zonden vergeeft en de relatie tussen God en mens herstelt. Christenen geloven dat Jezus de vervulling is van talloze profetieën uit het Oude Testament. Zo verwijzen zij bijvoorbeeld naar Jesaja 53, waar wordt gesproken over een lijdende dienaar die de straf van anderen op zich neemt, en naar Micha 5:1, waarin wordt voorzegt dat de Messias uit Bethlehem zal komen. In Zacharia 9:9 lezen we over een vredevorst die nederig op een ezel Jeruzalem binnenrijdt — iets wat Jezus letterlijk deed. Jezus wordt gezien als de vervulling van het verbond dat God sloot met Abraham (Genesis 12:3) en David (2 Samuel 7:12-16). In Hem worden de beloften van een eeuwig koninkrijk, vrede en verlossing werkelijkheid. Christenen geloven dat Jezus niet alleen kwam om Israël te redden, maar om de hele mensheid met God te verzoenen. Zijn dood en opstanding worden gezien als de ultieme overwinning op zonde en dood, zoals ook wordt aangekondigd in Psalm 16 en Hosea 6:2.

Opvallend genoeg wordt Jezus ook in de Koran de Messias genoemd (Isa al-Masih). De Koran geeft echter geen invulling aan deze titel. Moslims kunnen dan ook niet goed benoemen waarom Jezus deze titel krijgt, maar alle andere profeten niet.

Jezus’ sterven

Het kruis is het centrum van Jezus’ werk. Hij werd verraden, vals beschuldigd en gekruisigd – niet vanwege eigen schuld, maar als plaatsvervanger voor zondaren. Zoals de profeet Jesaja, ruim 700 jaar voor de geboorte van Jezus, al profeteerde: “De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is ons genezing geworden” (Jesaja 53:5).

Christenen zien Jezus’ dood niet als een tragisch einde, maar een bewuste daad van gehoorzaamheid. Hij droeg de toorn van God over de zonde, nam de schuld van de wereld op Zich en bracht door Zijn bloed verzoening tot stand. De Bijbel zegt: “God heeft Hem, die geen zonde gekend heeft, voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden gerechtigheid van God in Hem” (2 Korinthe 5:21). Volgens de Bijbel is zonde niet iets triviaals, maar een realiteit die scheiding brengt tussen God en mensen. Alleen door de verzoening van Jezus kan de relatie tussen God en mensen hersteld worden.

Jezus’ opstanding

Drie dagen na Zijn kruisdood stond Jezus op uit het graf. Zijn opstanding is het onweerlegbare bewijs dat Hij werkelijk Gods Zoon is en dat Zijn offer door de Vader is aanvaard. De opstanding betekent de overwinning op de dood en de garantie dat allen die in Hem geloven ook zullen leven (1 Korinthe 15:20-22).

Na Zijn opstanding verscheen Jezus aan Zijn discipelen en gaf hun de opdracht het Evangelie te verkondigen aan alle volken (Matteüs 28:19-20). Veertig dagen later voer Hij op naar de hemel, waar Hij aan de rechterhand van de Vader zit, om te pleiten voor de Zijnen en de wereld te regeren tot aan Zijn wederkomst.

De Koran zegt ook het één en ander over Jezus. Sommige dingen daarvan komen overeen met de Bijbel, andere wijken daar sterk vanaf. Zo lijkt de Koran de kruisdood van Jezus te ontkennen, al is de tekst wat dubbelzinnig. Maar het bewijs voor de opstanding van Jezus is zo sterk dat het lastig is die te ontkennen. Zo werden de eerste volgelingen van Jezus heftig vervolgd vanwege hun verkondiging van de opgestane Jezus, voor de meesten leidde dat zelfs tot hun marteldood. Het is niet voor te stellen dat ze allemaal zouden sterven voor een leugen. De discipelen hebben daadwerkelijk een leeg graf en de opgestane Jezus gezien.

Jezus’ goddelijkheid en menselijkheid

Een van de grootste mysteries van het christelijk geloof is dat Jezus zowel volledig God als volledig mens is.

  • Zijn goddelijkheid: De Bijbel getuigt op vele plaatsen dat Jezus God is. Johannes noemt Hem het Woord dat bij God was en dat God was (Johannes 1:1). Tomas beleed Hem als “mijn Heere en mijn God” (Johannes 20:28), waarbij Jezus Hem niet terecht wees. Paulus schreef: “Want in Hem woont heel de volheid van de Godheid lichamelijk” (Kolossenzen 2:9). Jezus deed dingen die alleen God kan doen: zonden vergeven, de natuur beheersen, en de dood overwinnen. Jezus verwees meerdere naar zijn goddelijkheid, bv in Johannes 8:58. Als Jezus daar zegt dat Hij er was voordat Abraham er was, verwijst Hij naar de naam van God. Moslims missen dit vaak omdat Allah geen naam heeft, maar uit het feit dat de Joden Jezus wilde stenigen blijkt duidelijk dat zij de verwijzing wel snapten.

  • Zijn menselijkheid: Tegelijkertijd was Jezus volledig mens. Hij werd geboren, groeide op, had honger en dorst, werd moe, ervoer verdriet en pijn, en stierf. Hij werd “in alles verzocht als wij, doch zonder zonde” (Hebreeën 4:15).

Twee naturen en één Persoon

De twee naturen van Christus – Zijn goddelijke en menselijke natuur – zijn niet vermengd of veranderd, maar onveranderd en onderscheiden. Dit wordt in de belijdenissen van de kerk, zoals de Geloofsbelijdenis van Chalcedon (451), als volgt geformuleerd:

“Erkennen wij een en dezelfde Zoon, onze Heere Jezus Christus, volmaakt in Godheid en volmaakt in mensheid, waarachtig God en waarachtig mens, bestaand uit een redelijke ziel en een lichaam; van dezelfde wezenheid als de Vader naar de Godheid, en van dezelfde wezenheid als ons naar de mensheid; in alles ons gelijk, uitgezonderd de zonde.”

Dit betekent dat Jezus tegelijk volmaakt God en volmaakt mens is. Hij is niet half-God en half-mens, maar in één persoon verenigen zich twee naturen. Hoewel Jezus twee naturen heeft, is Hij één persoon. Er is geen scheiding of splitsing in Zijn wezen. Alles wat Hij deed, deed Hij als de ene Persoon Jezus Christus, de Zoon van God. Wanneer Hij honger had of leed, deed Hij dat als mens. Wanneer Hij wonderen deed, toonde Hij Zijn goddelijke kracht. Maar het was altijd dezelfde Jezus die dit deed.

Dit heeft diepe betekenis voor het christelijke geloof. Als Jezus alleen mens was, zou Zijn dood geen eeuwige waarde hebben. Maar als Hij alleen God was, zou Hij onze plaats niet kunnen innemen. Omdat Hij God en mens in één persoon is, kan Hij als Middelaar tussen God en mensen optreden (1 Timoteüs 2:5).

Jezus is de enige Weg

Al de grote godsdiensten hebben oprichters en leraars die ons de weg naar redding wijzen. Alleen Jezus beweerde van zichzelf die weg te zijn (johannes 14:6). De weg waar de oprichters en leraars van andere godsdiensten naar wijzen, kent verschillende namen, maar het komt erop neer dat de mens zichzelf moet redden. Door het doen van goede daden, het houden van geboden e.d. moeten mensen zichzelf redden. Het christendom is anders, het initiatief voor onze redding en zekerheid van het eeuwige leven geeft God ons door geloof in de kruisdood en opstanding van Jezus. De stichters van alle grote godsdiensten verschenen in essentie als leraars op het wereldtoneel, niet als redder. Ze zeiden: ”Doe dit en je zult het goddelijke vinden.” Jezus zegt echter: “Ik ben het goddelijke dat naar jou toekomt, om voor jou te doen wat je zelf niet kunt.”

Jezus is de centrale Persoon in Gods heilsplan. Door Zijn geboorte, leven, onderwijs, sterven en opstanding is Hij de enige Weg tot God. Hij is de God-mens, die volmaakt heilig leefde, plaatsvervangend stierf en overwon, en zo een volkomen zaligheid heeft verworven voor allen die in Hem geloven. Zoals Hij zelf zei: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij” (Johannes 14:6).

Jezus leeft

Al de oprichters en leraars van de grote godsdiensten zijn dood. Hun leringen zijn er nog, maar zij zelf niet meer. De uitzondering is Jezus. Hij stierf, maar stond weer op uit het graf. Dat betekent dat Hij leeft. Het feit dat Jezus leeft is belangrijk voor christenen. Het maakt dat wij de opstanding van de doden verwachten, Jezus is ons immers al voorgegaan.

De opstanding van Jezus maakt ook dat christenen verwachten dat dezelfde wonderen die in de Bijbel gedaan werden, ook vandaag nog kunnen plaatsvinden.

 

Scroll naar boven