De islam is na het christendom de grootste godsdienst ter wereld, met bijna 2 miljard volgelingen. Maar wat houdt de islam precies in? Waar komt het vandaan? En hoe verschilt het van het christendom? Hoe heeft het zich zo snel kunnen verspreiden na het ontstaan?
Het ontstaan van de islam
In tegenstelling tot het christendom is het ontstaan van de islam in onduidelijkheid gehuld. De orthodoxe visie is dat de islam ontstond in de zevende eeuw na Christus in het huidige Saoedi-Arabië. Volgens islamitische overlevering ontving Mohammed, een koopman uit Mekka, in het jaar 610 zijn eerste openbaringen van Allah, via de engel Gabriël.
Er zijn echter geen bronnen uit de eerste honderd jaar van de islam die Mohammed, de Koran of het bestaan van de islam zelf benoemen. Zorgvuldige analyse lijkt te bevestigen dat Mohammed heeft bestaan en een boodschap verkondigde van monotheïsme. Zijn boodschap werd echter mondeling doorgegeven en werd pas later, onder de kaliefen Uthman en vooral Abd al-Malik verzameld in het heilige boek van de islam, de Koran, samen met pre-islamitische teksten en teksten van na de dood van Mohammed.
Mohammed verkondigde dat er slechts één God is – Allah – en dat hij, Mohammed, diens profeet was. Aanvankelijk riep hij zijn volksgenoten in Mekka tot bekering, maar na veel weerstand en een verhuizing naar Medina groeide zijn aanhang snel. Vanuit Medina ondernamen Mohammed en de eerste moslims rooftochten op handelskaravanen om hun macht en bezit te laten toenemen. Uiteindelijk breidde de islam zich in korte tijd uit via militaire veroveringen en politieke overheersing, zowel over het Arabisch schiereiland als daarbuiten.
Dit staat in contrast met het ontstaan van het christendom, dat zich verspreidde via de prediking van apostelen en het getuigenis van martelaren. Waar de vroege christenen geweld en vervolging trotseerden zonder terug te slaan, werd de islam in de eerste eeuwen vaak verspreid met het zwaard. Dit werpt direct een fundamenteel verschil op tussen beide godsdiensten: het karakter van hun opkomst. Voor hedendaagse moslims zijn deze militaire overwinning nog steeds bepalend voor de kern van hun geloof en een reden voor trots.
Wat is de islam?
De islam is een religie die, net als het christendom en het jodendom, in haar basis monotheïstisch is: er is maar één God. De islam ziet zichzelf als de zuivere voortzetting van het ware geloof van Abraham, Mozes en Jezus – waarbij het christendom en jodendom worden gezien als geloofssystemen die zijn ‘vervalst’ of ‘afgedwaald’. Voor deze beweringen bestaat echter geen bewijs. Omdat de Koran op sommige punten afwijkt van de Bijbel moet een moslim dit echter wel geloven.
Moslims geloven dat de Koran de volledige en onvervalste openbaring van God is. Historisch gezien is dit lastig vol te houden. Vanuit islamitische bronnen zelf weten we dat er in de eerste honderd jaar van de islam veel discussie is geweest over wat er nu wel en niet in de Koran hoort. Er waren meerdere versies van de Koran met een verschillend aantal hoofdstukken. Onder kalief Uthman werd ingezet op standaardisering, maar pas onder Abd al-Malik (646 – 705) kreeg de Koran waarschijnlijk een vorm die vergelijkbaar is met de huidige Koran. Pas in 1924, onder leiding van Koning Fuad I van Egypte, werd een project gestart om een gestandaardiseerde editie van de Koran te publiceren. Dit gebeurde o.a. om variaties in recitaties en tekst te voorkomen. Toch bestaan er nu nog wereldwijd 10 variaties (qira’at) van de Koran die terug te leiden zijn tot Mohammed en de eerste moslims.
Voor moslims is Mohammed de laatste en grootste profeet. Jezus (Isa in de islam) wordt weliswaar erkend als profeet, maar niet als Zoon van God of als Verlosser. Sterker nog, de Koran ontkent expliciet dat Jezus is gekruisigd (Soera 4:157).
De leer en praktijk van de islam
De islam legt grote nadruk op het navolgen van de vijf zuilen:
- De geloofsbelijdenis (shahada) – de erkenning van Allah en Mohammed.
- Het rituele gebed (salah) – vijfmaal daags bidden richting Mekka.
- Het geven van aalmoezen (zakat) – verplichte liefdadigheid voor armen.
- Het vasten in de maand ramadan (sawm) – onthouding van eten, drinken en andere genoegens van zonsopgang tot zonsondergang.
- De bedevaart naar Mekka (hajj) – een keer in het leven, indien mogelijk.
In de praktijk is de islam vaak ook een juridisch systeem. De sharia, de islamitische wet, regelt niet alleen religieuze rituelen, maar ook aspecten van het dagelijks leven: van huwelijk en echtscheiding tot strafrecht. Vanuit christelijk perspectief is dit problematisch, omdat het een religieus systeem boven de genade van God stelt en wetshandhaving als een weg tot rechtvaardigheid presenteert.
De islam kent geen persoonlijke relatie met God zoals het christendom. Allah wordt gezien als almachtig, maar ongenaakbaar. Er is geen sprake van een Vader-Zoon-relatie, geen verzoening door het bloed van Christus, en geen zekerheid van verlossing. Zelfs de meest vrome moslim kan niet weten of hij of zij aan het einde van het leven gered zal worden – dit hangt uiteindelijk af van Allah’s genade en oordeel. Dit staat in schril contrast met de zekerheid van het geloof die christenen kennen door het volbrachte werk van Jezus.
Dar al-Islam en Dar al-Harb
De islam deelt de wereld in twee delen in, dar al-Islam en dar al-Hard.
Dar al-Islam is het “huis van de islam”, waar islamitische wetten gelden en moslims vrij hun geloof kunnen belijden. In dit deel van de wereld regeert de islam en hebben moslims het voor het zeggen.
Dar al-Harb is het “huis van de oorlog”, waar islamitische wetten niet gelden en moslims worden gezien als niet beschermd. Het concept benadrukt de scheiding tussen gebieden van islamitische rechtspraak en daarbuiten, en werd in klassieke islamitische rechtstradities gebruikt om internationale relaties en oorlogsrecht te beschrijven.
Moslims geloven dat uiteindelijk de hele wereld Dar al-Islam moet worden. Er worden meerdere middelen ingezet om dit te bereiken:
- Jihad, de gewapende strijd tegen ongelovigen
- Terroristische aanslagen
- Dawa, het verspreiden van de boodschap van islam (wat christenen evangelisatie noemen)
- Migratie, in grote getallen naar een niet-islamitisch gebied trekken in de hoop daar uiteindelijk de meerderheid te kunnen worden
- Jihad van de baarmoeder, zo veel mogelijk kinderen krijgen zodat moslims uiteindelijk de oorspronkelijk populatie van een gebied of land in aantallen voorbij streeft.
Islam & christendom
De islam ziet Jezus als een profeet die terug zal komen om gerechtigheid te brengen, maar ontkent Zijn kruisiging en opstanding. Dit is een directe aanval op het hart van het christelijk geloof. Zoals Paulus schreef: “Indien Christus niet is opgewekt, zo is dan onze prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof” (1 Korinthe 15:14).
Daarnaast benadrukt het christendom dat God persoonlijk is – een Vader die Zijn kinderen liefheeft en tot Wie zij mogen naderen. In de islam blijft Allah ongenaakbaar, verheven boven de mens, zonder directe relatie.
De islam is een complexe religie met diepe wortels in de wereldgeschiedenis en een immense invloed op cultuur en samenleving. Toch biedt de islam geen weg tot verlossing. De Koran verwerpt de centrale boodschap van het Evangelie – dat Jezus Christus de Zoon van God is, Die de wereld liefhad en Zichzelf gaf tot verzoening voor de zonden.
